UK HB CH JP IN RU
T +31 (0)20 - 4458445

Is het niet uitkeren van een bonus in strijd met vereisten goed werkgeverschap?

05 december 2016

Door mr. L. van Hezik

De kantonrechter te Amsterdam oordeelde dit najaar over een zaak waarin het goed werkgeverschap en de weigering van een werkgever om een bonus uit te keren aan de orde was.

Let op: Voor werkgevers betekent deze uitspraak dat ook wanneer zij geen functiejaarplan hebben ingevuld voor hun werknemers, het goed werkgeverschap toch met zich kan brengen dat deze werknemers recht hebben op een bonusregeling. Dit zou in de praktijk ook voor andere aanspraken kunnen gelden. Het is dus zaak om goed op te letten welke afspraken met werknemers zijn gemaakt.


Wat is goed werkgeverschap?

In artikel 7:611 BW is bepaald dat de werkgever en werknemer zich als een ‘goed werkgever’ en ‘goed werknemer’ moeten gedragen. Dit zijn vage termen, maar in het algemeen kan worden gezegd dat goed werkgeverschap met zich brengt dat een werkgever naast de zorgplicht van artikel 7:658 BW (het bieden van een veilige werkplek), gedrag moet vertonen dat “optimaal rekening houdt met de belangen en gevoelens van werknemers, vanuit de overtuiging dat dit voordeel heeft voor allen”.

Uit de rechtspraak zijn inmiddels een aantal beginselen van goed werkgeverschap ontstaan, welke erop neerkomen dat de werkgever zich aan zijn afspraken houdt, zich voldoende laat informeren en gemotiveerde en weloverwogen beslissingen maakt, waarbij hij de belangen van de werknemer voldoende laat meewegen.


De casus

De casus dit najaar was als volgt. De werknemer is per 1 maart 2014 voor de duur van één jaar in dienst getreden bij Securitas in de functie van Manager Area Sales. Op basis van zijn functie en functiegroepindeling komt de medewerker in aanmerking voor het “Annual Incentive Plan” 2014 (een bonusregeling en hierna: “AIP”). In het AIP staat vermeld: “Uitgangspunt is dat de AIP alleen wordt toegekend indien er bij het Functiejaarplan (FJP) minimaal een voldoende gehaald is; anders komt een medewerker niet in aanmerking voor AIP”.

Voor de werknemer is echter geen functiejaarplan ingevuld. De werknemer vraagt om de bonus van 2014 ten bedrage van EUR 21.120,- aan hem te betalen. Securitas weigert dit en de werknemer stapt naar de kantonrechter.

Standpunt werknemer

De werknemer stelt dat hij op grond van het AIP recht heeft op de bonus, omdat over 2014 alle bedrijfsdoelstellingen zijn gehaald. Dat Securitas verzuimd heeft voor de werknemer een functiejaarplan in te vullen, waarin zijn persoonlijke targets en doelstellingen zijn geformuleerd, maakt volgens de werknemer niet uit. Volgens de werknemer zijn ook nergens anders targets en doelstellingen vastgesteld. De werknemer stelt dat hij vanaf het begin van zijn dienstverband voortdurend – maar zonder succes - heeft aangedrongen op het door Securitas invullen van een functiejaarplan. Ook heeft er achteraf geen beoordeling door Securitas plaatsgevonden. De werknemer stelt dat het tekortschieten van Securitas hem niet kan worden tegengeworpen en er niet toe kan leiden dat hij geen recht zou hebben op een bonus.

Standpunt Securitas

Securitas ziet de zaak anders en stelt dat de te behalen doelstellingen in het functiejaarplan ieder kalenderjaar in de maand januari worden vastgesteld. Aangezien de werknemer pas in maart (2014) in dienst is getreden, zijn de doelstellingen niet ingevuld in een functiejaarplan. In tegenstelling tot wat de werknemer stelt, stelt Securitas zich op het standpunt dat de werknemer ook nooit zou hebben aangedrongen op een functiejaarplan.
Securitas stelt zich voorts op het standpunt dat het functioneren van de werknemer ook zonder functiejaarplan beoordeeld kan worden. De doelstellingen waren namelijk geformuleerd op basis van zijn functieprofiel waarbij de omzet- en resultaatdoelstellingen vervolgens zijn vastgelegd in een ander document. Securitas stelt dat de werknemer zijn doelstellingen niet heeft behaald en dat komt zijns inziens door het onvoldoende functioneren van de werknemer.

Het oordeel van de kantonrechter

De kantonrechter maakt korte metten met het standpunt van Securitas en stelt voorop dat een werkgever zich aan de vereisten van goed werkgeverschap moet houden bij de uitvoering van de bonusregeling. Dit betekent dat een werkgever zijn deel van een afspraak moet nakomen als dat van belang is voor een aanspraak van de werknemer.

De kantonrechter oordeelt dat de werknemer ernstig wordt benadeeld door het achterwege laten van het vastleggen van een functiejaarplan, omdat zijn bonus hiervan afhankelijk is. Nu Securitas heeft nagelaten het functiejaarplan vast te stellen, handelt zij volgens de kantonrechter in strijd met het goed werkgeverschap. De kantonrechter concludeert dat de redelijkheid en billijkheid met zich brengt dat de voorwaarde van een “voldoende” beoordeling conform het functiejaarplan als vervuld moet worden beschouwd. De kantonrechter veroordeelt Securitas tot betaling van de (pro rata) bonus aan de werknemer ten bedrage van EUR 17.952,00 bruto.

Terug naar het overzicht

Liëll van Hezik