UK HB CH JP IN RU
T +31 (0)20 - 4458445

Ontslag valt of staat bij juiste formulering ontslagbrief

13 maart 2018

Door mr. M.F. van Grootheest

Het komt regelmatig voor dat een werkgever meerdere gedragingen van een werknemer ten grondslag legt aan een ontslag op staande voet. Dat een goede formulering van de ontslagbrief dan essentieel is, illustreert een recent arrest van het gerechtshof Amsterdam. Het hof vernietigde het aan een werknemer gegeven ontslag op staande voet ondanks dat een dringende reden voor het ontslag op staande voet duidelijk aanwezig was.

Het arrest geeft aanleiding om stil te staan bij het belang van het juist formuleren van de ontslaggronden in de ontslagbrief. In beginsel is de ontslaggrond gefixeerd met de dringende reden(en) die in de ontslagbrief wordt gegeven. Dat betekent dat eerdere gedragingen van de werknemer of andere – niet in de brief vermelde - gronden, in beginsel niet door de rechter worden meegenomen bij het oordeel of het ontslag op staande voet terecht is gegeven.

In de procedure bij hof Amsterdam ging het om een arbeidsongeschikte werknemer. De werkgever was verzekerd voor de arbeidsongeschiktheid van deze werknemer en ontving in dat kader van de verzekeraar verzekeringsgeld. De werknemer beschikte echter over de inloggegevens van de werkgever bij de verzekeraar en heeft - zo kwam in de procedure vast te staan - het bankrekeningnummer waarop het verzekeringsgeld werd gestort gewijzigd naar het rekeningnummer van zijn moeder.

Naast deze gedraging verweet de werkgever werknemer dat hij zonder toestemming van werkgever salarisspecificaties van de computer van werkgever had gehaald en dat werknemer alle e-mails van werkgever over de periode van 15 augustus tot en met 7 november 2016 had verwijderd.

In de ontslagbrief vermeldde werkgever weliswaar die drie hierboven genoemde gedragingen maar in de brief was echter niet aangegeven waarom die gedragingen (nou zo) dringend waren om tot ontslag op staande voet over te gaan.

Omdat de ontslagbrief dit niet specifiek vermeldde, oordeelde het hof dat de drie gedragingen zoals hierboven genoemd, bij elkaar genomen, de dringende reden vormden.

Het gevolg daarvan is dat dat als een van de drie gedragingen niet komt vast te staan, het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is omdat het aan het ontslag ten grondslag gelegde reden niet geheel is komen vast te staan.

Zoals aangegeven stond voor het hof vast dat werknemer het voor werkgever bestemde verzekeringsgeld had laten overmaken op het bankrekeningnummer van zijn moeder. Deze gedraging op zichzelf vormt absoluut een dringende reden voor een ontslag op staande voet.

Volgens het hof had werkgever echter onvoldoende bewezen dat werknemer alle e-mails van werkgever had verwijderd. Dit deel van de aangevoerde dringede reden kwam daarmee niet vast te staan, op grond waarvan het hof oordeelde dat het gegeven ontslag op staande voet geen stand kon houden.

Het gevolg was dat de werkgever aan de werknemer een gefixeerde schadevergoeding en een billijke vergoeding diende te betalen.

Het belang van een juiste formulering van een ontslagbrief werd in deze procedure maar weer eens benadrukt. In het geval de werkgever de ontslagbrief juist had geformuleerd, had het ontslag absoluut standgehouden.

Tip voor in de praktijk: als er sprake is van meerdere gedragingen van een werknemer op grond waarvan de werkgever wil overgaan tot ontslag op staande voet, is ons advies om in de ontslagbrief expliciet te vermelden dat het ontslag zowel gebaseerd is op een combinatie van gedragingen (samengestelde dringende reden), als dat ook elke gedraging afzonderlijk als een voldragen dringende reden geldt voor het ontslag op staande voet. In dat geval hoeft maar één van de verweten gedragingen vast komen te staan voor een geldig ontslag op staande voet en had het ontslag in deze casus op zeker stand gehouden!

Terug naar het overzicht

Marijn van Grootheest