UK HB CH JP IN RU
T +31 (0)20 - 4458445

(Bijna) 100 jaar Lindenbaum/Cohen

12 januari 2019

In de nacht van 4 op 5 januari 1909 sprong de waterleiding in het bovenhuis van Margrietje de Vries (43) in Zutphen. Terwijl Margrietje lag te slapen, stroomde het water naar de benedenverdieping. Daar bevond zich het pakhuis van buurman G.J. Nijhof, die er een voorraad leer had opgeslagen. Zodra Nijhof vernam wat er gebeurde, belde hij bij Margrietje aan om te vragen of ze de hoofdkraan dicht wilde draaien. Maar Margrietje dacht dat Nijhof haar nachtrust wilde verstoren en bleef humeurig liggen in haar bed. Pas toen Nijhof de politie liet komen, draaide ze de kraan dicht. Te laat. Het leer was al door het water aangetast.

Nijhof ging naar de rechter om een schadevergoeding af te dwingen. Het was het begin van een langdurige rechtsgang, tot aan de Hoge Raad. Volgens de Hoge Raad had ‘mejuffrouw De Vries’ geen onrechtmatige daad begaan en hoefde ze geen schadevergoeding te betalen. Ze had geen inbreuk op iemands recht gemaakt en niets gedaan of nagelaten wat in strijd was met haar wettelijke plicht.

Het arrest van de Hoge Raad is bekend geworden als ‘het arrest van de Zutphense waterleiding’ of ‘het arrest van de Zutphense juffrouw’. Het arrest spoorde niet met het rechtsgevoel van velen en wekte verbazing en ergernis. Was de Hoge Raad niet te formeel geweest?

Enkele jaren later, in 1915, ontdekte de Amsterdamse drukker Max Lindenbaum, gevestigd aan de Reguliersdwarsstraat 10, dat een van zijn medewerkers was omgekocht door een concurrent, Samuël Cohen. Vroeger had Cohen bij Lindenbaum gewerkt, nu bezat hij een drukkerij aan de Prinsengracht. De omgekochte medewerker had offertes van Lindenbaum aan Cohen gegeven, zodat die lagere offertes had gemaakt en meer opdrachten binnengehaald. Lindenbaum eiste schadevergoeding. Een jarenlange rechtsgang was het gevolg.

Op 31 januari 1919, bijna honderd jaar geleden, sprak de Hoge Raad dat Cohen zich had schuldig gemaakt aan een onrechtmatige daad. Weliswaar had hij geen enkele wet geschonden en geen plicht verzuimd, maar hij had wel in strijd met de goede zeden en maatschappelijke zorgvuldigheid gehandeld. Voor het eerst werden goede zeden en maatschappelijke zorgvuldigheid als een bron van ongeschreven recht beschouwd. Voortaan kon iemand op grond van ongeschreven recht aansprakelijk worden gesteld voor een onrechtmatige daad.

Het arrest-Lindenbaum/Cohen was een omwenteling in de Nederlandse rechtspraak. ‘Er is door ons hoogste rechtscollege zelden een arrest gewezen, waarvan zoo heilzame invloed op ons rechtsleven mag worden verwacht’, schreef de jurist Willem Molengraaff, een vermaard pleitbezorger van een ruimere toepassing van de onrechtmatige daad.

Max Lindenbaum, zijn vrouw en twee kinderen werden in de oorlog door de Duitsers vermoord. Een medewerker, Jules Schelvis, overleefde als een van de weinigen vernietigingskamp Sobibor. Drukkerij Lindenbaum bestaat nog steeds en is nu gevestigd aan de Keienbergweg in Amsterdam.

Gepubliceerd in het Nederlands Dagblad van 12 januari 2019

Onderschrift foto: Reguliersdwarsstraat 10 in Amsterdam, waar de drukkerij van Max Lindenbaum gevestigd was. | beeld: Nederlands Dagblad

Terug naar het overzicht

reguliersdwarsstraat-10